De machtspolitiek van de VS in hun eigen achtertuin
President Donald Trump laat er geen twijfel over bestaan: het Caribisch gebied, Midden- en Zuid-Amerika liggen in de achtertuin van de VS en dat zullen de VS laten merken. Het past in een lange traditie van Amerikaans buitenlands beleid. Al in 1823 stelde president James Monroe dat het westelijk halfrond buiten Europese invloed moest blijven. De decennialange machtspolitiek van de VS in dat gebied staat in deze cursus centraal.
Machtsasymmetrie
Wat begon als een antikoloniale verklaring ontwikkelde zich tot een doctrine die de Verenigde Staten een bijzondere rol toekende: als beschermer, als scheidsrechter en zo nodig als interventiemacht. Er waren militaire interventies, economische druk, steun aan bevriende regimes, geheime operaties en diplomatieke isolatie. De argumenten veranderden van stabiliteit en orde tot anticommunisme, en later de strijd tegen drugs, migratie en terrorisme, maar de machtsasymmetrie bleef.
Van Monroe naar Donroe
In januari dit jaar liet de VS zich zien in Venezuela. Meedogenloos treden de Amerikaanse luchtmacht en marine op tegen drugstransporten op zee. Vooral linkse regeringen zoals die in Mexico, Colombia en Cuba voelen de druk toenemen.
In drie colleges laat Marcel Bayer zien dat het historisch patroon eigenlijk wordt voortgezet, maar dan met een Trumpiaanse invulling. Oftewel, van Monroe naar Donroe.
Bijeenkomst 1
2 juli 2026
Natievorming en botsende belangen: de Monroe-doctrine
De negentiende en vroege twintigste eeuw leggen de basis voor de Amerikaanse dominantie in het westelijk halfrond. De Mexicaans-Amerikaanse oorlog (1846–1848), de Spaans-Amerikaanse oorlog (1898) en de zogeheten Banana Wars tonen hoe economische belangen, geopolitiek en militaire macht steeds nauwer met elkaar verbonden raken.In deze periode interveniëren Amerikaanse mariniers herhaaldelijk in Cuba, Nicaragua, Haïti en de Dominicaanse Republiek. Tegelijk ontwikkelen bedrijven zoals de United Fruit Company enorme invloed in de regio.
Vragen die tijdens dit college centraal staan:
- Wat hield de Monroe-doctrine precies in en waarom werd zij geformuleerd?
- Hoe ontwikkelde de VS een regionale hegemonie in het Caraïbisch gebied en Midden-Amerika?
- Hoe raakten economische belangen en militaire interventies met elkaar verweven?
Bijeenkomst 2
7 juli 2026
Koude Oorlog: revolutie, contrarevolutie en interventie
Na de Tweede Wereldoorlog wordt Latijns-Amerika een belangrijk front in de mondiale ideologische strijd. De coup tegen Jacobo Árbenz in Guatemala (1954), de Cubaanse Revolutie (1959) en de daaropvolgende Cubacrisis markeren een nieuwe fase in de Amerikaanse politiek: het voorkomen van een “tweede Cuba”.
De VS steunen of beïnvloeden politieke ontwikkelingen in onder meer Chili (1973), El Salvador, Nicaragua, Grenada en Panama. Soms via diplomatie en economische druk, soms via geheime operaties of directe militaire interventie.
Bijeenkomst 3
9 juli 2026
Donroe: machtspolitiek in de 21e eeuw
Ook na het einde van de Koude Oorlog blijft Latijns-Amerika een arena van geopolitieke spanning. De crisis in Venezuela, migratiestromen uit Midden-Amerika, de rol van drugshandel en nieuwe machtsverhoudingen met China en Rusland zorgen voor een hernieuwde strategische focus van Washington op het westelijk halfrond. Onder Donald Trump krijgt deze politiek een uitgesproken stijl: harde retoriek, economische druk, veiligheidsoperaties en bilaterale deals.
Tegelijk heeft Amerikaanse invloed altijd ook culturele en politieke tegenreacties opgeroepen. In literatuur, film, muziek en politieke bewegingen ontwikkelde zich een krachtige kritiek op wat vaak wordt gezien als een vorm van modern imperialisme.
|
Beschikbaar
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|


